Karim

Home  >>  blog  >>  Karim

Karim

5
sep,2015

2
  blog

Karim21 jaar geleden kwam ik in Nederland wonen om te studeren. Ik woonde voor het eerst op mijzelf en ik had een leuke studie gekozen. Omdat ik wat later afgestudeerd was (lees: ik zakte volgens mij wel 3x voor mijn eind examen) reisde ik niet echt met vrienden naar Nederland om te gaan studeren. Maar er waren wel zeker vriendinnen die al hier woonden. Zo ook vriendin Chantal, ook zij was naar Nederland afgereisd om een studie te volgen. Ik ken Chantal sinds mijn geboorte want onze moeders kennen elkaar sinds ze kleuters zijn.

Op een dag belde Chantal mij op, het was februari 1996. Ze wilde even langskomen en zou er snel zijn want was op het Rembrandtplein in Amsterdam. Ik woonde aan de rand van Amsterdam, in Diemen-Zuid, tegen Duivendrecht aan. Het was het ‘of-je-bent-thuis-of-niet’ tijdperk en dus ‘of-je-bent-bereikbaar-of-niet’; lang niet iedereen had in 1996 een mobiele telefoon. Ik was dus thuis en woonde dichtbij; ze was dus snel bij mij. Tot mijn grote verbazing was ze niet alleen. Want ze was met de beste vriend van een vriend. En ik was op slag verliefd.

Karim was erg knap en vooral erg beleefd. Hij stelde veel vragen en leek oprecht geïnteresseerd. Dit had ik nog nooit meegemaakt en ik was ook ernstig onder de indruk. Hij kwam die avond door mijn voordeur (eigenlijk achterdeur) naar binnen, ging die avond weer met vriendin Chantal weg door diezelfde deur maar de volgende keer dat hij kwam, bleef hij ook direct.

Onafscheidelijk waren wij. Hij had even een stop in Amsterdam want werkte voornamelijk in Amerika. Hij sprak beter Engels dan Nederlands maar kwam wel uit Amsterdam. Zijn mooie naam had hij te danken aan zijn roots: hij had een Amsterdamse moeder en een Marokkaanse vader. Hij had ook een Marokkaans uiterlijk maar had duidelijk een Amsterdamse opvoeding gehad.

We werden verliefd op elkaar. Niet een beetje maar heel veel. Het was zo een ‘BAM!’ ervaring, zo eentje waar je eigenlijk te snel op elkaar verliefd raakt. Wat ik zo bijzonder vond was de respect die hij had voor vrouwen. Zijn moeder had hem en zijn twee broertjes alleen opgevoed en was ook erg belangrijk voor hem. Nu ben ik een persoon die qua verliefdheid hard van stapel kan lopen maar eindelijk had ik ook een match en was het hard van stapel lopen wederzijds.

Ik was nog geen jaar in Nederland en zat in mijn eerste studiejaar. Studeren was voor Karim erg belangrijk. Voornamelijk omdat hij nooit na zijn middelbare school een opleiding had gevolgd. Hoe verliefd we ook waren, hij zorgde ervoor dat ik voldoende ruimte kreeg om te studeren. Dit betekent dat als ik een toets had, hij zich terugtrok en naar zijn moeder ging zodat ik kon studeren. Maar niet te lang, want na een paar uurtjes had ik het wel gezien met al die letters en het van elkaar gescheiden zijn.

Het bleek een gezellige, sociale kerel te zijn. Ik vond zijn vrienden aardig, hopelijk zij mij ook. Ik vond zijn moeder erg lief en zij accepteerde mij direct als onderdeel van haar gezin en ik werd gezien als een dochter. Gelukkig woonde ze niet ver van mij vandaan, de metro had maar 5 haltes nodig om daar te komen. Zijn broers waren ook ontzettend lief; voor mij was het alsof ik in een warm bad terecht kwam.

Als je dus zo snel in een relatie terecht komt, lijkt het alsof je in een omgekeerde wereld terecht komt. Terwijl we onofficieel samenwoonden, leerden we elkaar kennen. Ik kwam erachter dat hij van reizen hield en veel op jachten werkte. Samen met een kennis/zakenpartner van hem. Die had ik nog niet leren kennen, hij kwam niet uit Nederland en was er op dat moment ook niet. Ik kwam erachter dat Karim op een middelbare school had gezeten niet zo ver van waar ik woonde. Af en toe fietste ik er langs. Ik kwam erachter dat hij een zeer hechte vriendenclub had en ze elkaar echt al jaren kende. En met hecht bedoel ik ook hecht. Ze hadden lief en leed met elkaar gedeeld en steunden elkaar no matter what. Mooi vond ik dat.

Het leventje wat we samen probeerden op te bouwen was nieuw maar ook erg leuk. Samen boodschappen doen bij de Vomar in de Amsterdamse Poort in de Bijlmer. Samen een Italiaans broodje kopen bij de zus en zwager van zijn beste vriend J in de Shopperhal. Samen thee drinken bij het VVV kantoor tegenover het Centraal Station. Veel wist hij te vertellen over de oude geschiedenis van Amsterdam, hij was namelijk gidsleider geweest op een rondvaartboot in de binnenstad. Aandachtig luisterde ik, ik was gefascineerd door het feit dat hij zoveel wist én dat Amsterdam zo een mooie geschiedenis had.

Eind maart naderde. Ik zou jarig zijn. Ik had niet zo een zin om mijn verjaardag uitgebreid te vieren, het zou mijn eerste verjaardag zonder mijn familie zijn en ondanks dat ik een hele lieve vriend had, bleef de heimwee knagen. Des te belangrijker Karim vond om er een mooie dag van te maken. Het was een doordeweekse dag, ik moest die dag gewoon stage lopen bij het Surinameplein in Amsterdam. Karim zijn zakenpartner was er voor enkele dagen en ze moesten wat zaken doornemen.

30 maart: ik was de volgende dag jarig. Karim was bij mij en moest even weg naar zijn zakenpartner. Ze hadden vroeg afgesproken omdat hij weer vroeg bij mij wilde zijn. Ze hadden afgesproken bij het café dicht bij het Amstelhotel. Rond een uur of 8 zou hij weer thuis zijn. Hij had zijn mobiel mee voor het geval dat.

Acht uur kwam. Normaliter was hij stipt op tijd, deze keer niet. Ik probeerde er niets van te maken; dingen konden toch uitlopen? Toch zat het mij niet lekker; ik was tenslotte bijna jarig en hij was er enthousiaster over dan ik. Half negen kwam en nog steeds geen Karim. Ik belde maar hij nam niet op. Ik belde zijn moeder, zij wist niet waar hij was. Ik belde zijn beste vrienden, ook zij wisten vanzelfsprekend niet waar hij was. Ik bleef bellen en bellen; geen gehoor. Toen was het opeens twaalf uur ’s nachts. 31 maart. Ik was jarig. Maar nog steeds geen Karim. En op dat moment wist ik opeens dat het foute boel was. Dat er iets heel ernstigs gebeurd was. Want als hij er niet was op mijn verjaardag dan was er wel iets goed mis.

Inmiddels was zijn moeder ook erg zenuwachtig. Met goede reden bleek achteraf. Want enkele uren daarvoor werd ze gebeld door de politie. Er was namelijk een meneer op een metrostation overleden, vermoedelijk aan een hartinfarct en haar gegevens stonden in zijn portemonnee; in geval van nood. En nood dat was het wel. Ze werd gebeld met de vraag of ze deze meneer kende en of ze naar het mortuarium wilde komen om hem te identificeren.

Veel informatie kon en mocht de politie waarschijnlijk niet geven maar intussen had ik de politie natuurlijk zelf ook gebeld. Een volwassen persoon mocht pas na 24 uur als vermist opgegeven worden. En zover was het nog lang niet. Inmiddels wist ik dus niets van bovenstaand verhaal; dat had zijn moeder met opzet mij niet verteld. Niet dat het uitgemaakt zou hebben; ik had mijn plafond van paniekerigheid en wanhopigheid al bereikt. Pas de volgende ochtend vertelde ze het mij. Ik dacht dat het niet kon maar ik was nog wanhopiger. Na 24 uur mocht hij als vermist worden opgegeven en zelf ging ik op zoek naar Karim; ik zocht hem op de plekken waar we altijd te vinden waren; bij het café van het Amstelhotel, bij het theehuis bij het Centraal Station, de bibliotheek in de Amsterdamse Poort, de Vomar, het park dicht bij mij thuis. Nergens was hij te vinden.

Een paar dagen later. Mijn zus die om de hoek woonde, klopt op mijn raam. Samen met haar man, mijn zwager. Ze kwamen wel iedere dag langs dus het was niet vreemd dat ze er waren. Mijn vader belde terwijl ze er waren. Ook mijn ouders waren vanzelfsprekend op de hoogte van wat er gaande was. Deze keer belde mijn vader met onverwacht nieuws. De politie had Karim gevonden. Ik wist niet of ik opgelucht moest zijn of bang. Ik vroeg of hij gewond was, waar hij was. Het nieuws was niet mooi.

Karim was gevonden in de tuin van een woonhuis. In een wijk tussen die van mij en zijn moeder. 28 jaar was hij geworden. 29 zou hij nooit worden. In details hoef ik niet te treden. Want ik ken ook niet alle feiten. Die man die ze hadden gevonden op de avond voor mijn verjaardag op het metrostation was zijn zakenpartner. Hij bleek de reden te zijn dat Karim het leven moest verlaten. En door die daad begaf het hart van de zakenpartner het. Ik kon er niet om rouwen. Maar wel om Karim. Net zoals zijn broers, zijn moeder en zijn vrienden.

Een week later. Mijn moeder en zusje, evenals mijn zus, vrienden van Karim, zijn er om afscheid te nemen van hem. Het is onwerkelijk maar ik ben het zijn moeder nog steeds dankbaar dat zij mij zo betrokken heeft bij het nemen van het afscheid. Een week voor Karim overleed hadden we het namelijk uitgebreid over de dood; hoe en waar wilden we begraven worden? Of liever gecremeerd? Wilde Karim een begrafenis zoals de Moslims het doen? Toch liever niet want dan mogen er geen vrouwen aanwezig zijn en Karim was gek van vrouwelijk schoonheid. Zo besproken, zo gedaan.

Het verlies, nu jaren later, is er nog steeds. Het slijt, maar vergeten doe je niet. Zijn vrienden zie ik niet meer, met uitzondering van zijn allerbeste vriend J. We hebben van tijd tot tijd even contact. Inmiddels heb ik het geluk weer gevonden, maar het heeft lang geduurd voordat ik weer in de liefde kon vertrouwen. Ik heb van veel mensen steun gehad, vooral mijn familie, zijn familie. Ik heb in een diep gat gezeten, maar ben er ondanks hun, en het feit dat ik een jaar er even tussenuit ging, weer uitgeklommen. Ik leerde mijn huidige beste vriend Luís kennen, toen Karim net overleden was. Toeval bestaat niet zei mijn vader altijd. Ik geloof daarin. Zijn moeder blijft als een soort schoonmoeder fungeren, hoe moeilijk zal het voor haar niet zijn geweest om je eerste kind te verliezen door toedoen van een persoon die jarenlang bij je over de vloer kwam?

Velen kennen dit verhaal niet maar het is onderdeel van mij; door dit verhaal ben ik geworden wie ik ben. Het verdriet heeft lang geleden plaats gemaakt voor het warme gevoel die ik nog steeds voel als ik aan Karim denk. Die leuke, knappe, serieuze, zorgzame jonge vent die mijn hart stal op de eerste avond dat ik hem leerde kennen. Die jongen die ervoor zorgde dat ik leerde voelen wat echte liefde was en dat gevoel bij mij heeft kunnen vasthouden: sinds Karim weet ik dat ik geen tijd meer heb voor spelletjes betreffende je gevoelens, het leven zomaar voorbij kan zijn en je altijd elkaar ‘dag’ moet zeggen als je als ik het maar voor eventjes de deur uitgaat. Karim, die heeft mij sterker gemaakt dan ooit.

En tot de dag van vandaag draag ik dat met mij mee.

2 Comments so far:

  1. Neelienke schreef:

    WoW wat een heftig verhaal. Verdrietig dat het niet zo heeft mogen lopen. En mooi
    wat het je heeft gegeven

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.